Weetjes

Geschiedenis
Hygiëne
Dierenwelzijn

GeschiedenisHoe het begon…

In de prehistorie moesten de mensen op jacht om aan een stukje vlees te komen. Nu is dat niet meer nodig, je kunt gewoon een slagerij binnenlopen en daar allerlei soorten vlees kopen, zelfs kant-en-klaarmaaltijden. Er is dus nogal wat veranderd! Ook in de slagerij zelf is veel gebeurd. De eerste slagers slachtten het vee helemaal zelf, maar dat is lang niet altijd meer zo. Tegenwoordig koopt de slager meestal een geslacht varken of rund (of een deel daarvan) bij een slachterij en verdeelt het zelf in porties. Dit gebeurt meestal in een speciale ruimte in de winkel, waar hij alle hulpmiddelen en machines binnen handbereik heeft. Daar snijdt hij biefstuk, maalt hij vlees tot gehakt en maakt hij braadworst, boterhamworst of paté. Meestal doet hij dat volgens een eigen recept. Wil jij ook eens een recept uitproberen? Maak dan de gegrilde Sis kebab!

(bron: gebaseerd op leskrant basisschool)

Toonbank bij de slagerijSuperschoon

Ga je binnenkort naar een slagerij? Let dan eens goed op de kleding die de medewerkers dragen. Je ziet dat mensen met lang haar een staartje hebben. De meeste slagers dragen een petje. Ringen of armbanden zie je waarschijnlijk niet. En alle medewerkers hebben een schort voor. Logisch, denk je misschien. Maar waarom eigenlijk? Het heeft allemaal te maken met ‘hygiëne’ (schoon en gezond werken). De slager doet er alles aan om te voorkomen dat vlees wordt besmet door bacteriën. Er zijn daarom allerlei regels voor de medewerkers.

Het vlees bewaart de slager gekoeld. Ook in de werkruimte en in de winkel is het koel. Het vlees is zo langer houdbaar. Van het vlees dat de slager van de slachterij koopt, is precies bekend waar het vandaan komt. Zo kan de slager altijd controleren of het vlees op de goede manier is behandeld en of het afkomstig is van een gezond dier.

(bron: gebaseerd op leskrant basisschool)

keurslagerAandacht voor de dieren

Denk jij wel eens na over waar het stukje worst op je boterham of de hamburger die je ’s avonds eet vandaan komt? Bijvoorbeeld of het dier waar het vlees vandaan komt een goed leven heeft gehad? Veel slagers verkopen ook biologisch vlees. Dit betekent dat de dieren genoeg lig- en loopruimte hebben in de stallen. En de dieren komen zoveel mogelijk buiten in de wei. Deze wei mag niet kunstmatig worden behandeld. Zo mag je bijvoorbeeld geen kunstmest gebruiken. Het vee krijgt gevarieerd, biologisch voer. Het gebruik van medicijnen om de dieren extra te laten groeien en ziektes te voorkomen, is verboden. Biologisch vlees wordt uitvoerig en regelmatig gecontroleerd. Er wordt gecontroleerd bij de boeren, tijdens transport, bij de slacht en verwerking tot aan het moment dat het vlees bij de slager ligt. Aan biologisch vlees worden geen onnatuurlijke kleur-, geur- of bewaarstoffen toegevoegd. Puur natuur dus! De slager vindt het belangrijk dat hij vlees verkoopt van dieren die een goed leven hebben gehad. Aandacht voor dierenwelzijn dus. In Nederland zijn wetten waarin staat hoe je dieren moet huisvesten (hoe de dieren moeten wonen). De regels zijn zo gemaakt dat we zo goed mogelijk rekening houden met het natuurlijke gedrag van de dieren.

(bron: informatie over dierenwelzijn van slagerzkidz.nl)